Burgerschap: straks een verplicht onderdeel van het examen
Samen zoeken naar manieren om betekenisvol, betrouwbaar en werkbaar te examineren
Vanaf studiejaar 2027–2028 is een examen burgerschap in het mbo verplicht. Maar hoe examineer je een vak dat draait om oordeels vorming, reflectie en maatschappelijke betrokkenheid. Waarbij ‘goede’ of ‘foute’ antwoorden niet bestaan? En dat ook nog eens op een betrouwbare, werkbare manier?
Mbo-docent burgerschap Merve Kiliç, genomineerd voor Leraar van het Jaar 2026, beschouwt de examenverplichting als een kans om het vak de plek te geven die het verdient, maar ziet ook uitdagingen. Onderwijskundig adviseur Pim Montrée, betrokken bij de ontwikkeling van het TOA-examen burgerschap, vertelt hoe je zo’n examen ontwikkelt en welke afwegingen daarbij komen kijken.
Mbo-docent Merve Kiliç: ‘vak wordt serieuzer genomen’
Voor Merve Kiliç, docent burgerschap aan mboRijnland, komt de exameneis niet als een verrassing. Zij volgt de landelijke ontwikkelingen rondom burgerschap al jaren, zit in klankbordgroepen van OCW en de MBO Raad, en nam onlangs deel aan een van de werksessies rond het TOA burgerschapsexamen (waarover later meer).
Ze beschouwt een verplicht examen burgerschap vooral als een positieve ontwikkeling: “Op dit moment zijn de verschillen tussen scholen nog groot. Op sommige plekken bestaat burgerschap uit een projectweek en is het vak daarna afgerond. Daar krijg ik eerlijk gezegd de kriebels van. Burgerschap gaat niet over een eenmalig project, maar over kennis en vaardigheden die studenten hun hele leven nodig hebben.”
“Met een verplicht instellingsexamen krijgt het vak meer body en wordt het hopelijk serieuzer genomen: door scholen en door studenten. Want voor veel studenten voelt het nu nog als een bijvak. Ze komen voor een beroepsopleiding en vragen zich af waarom ze het over politiek of financiën moeten hebben. Ik hoop dat de nieuwe exameneisen laten zien dat burgerschap veel meer is dan een verplicht onderdeel van de opleiding. In het voortgezet onderwijs wordt daar al aandacht aan besteed; het is mooi dat we die ontwikkeling straks in het mbo kunnen voortzetten.”
Oppassen dat het niet platgeslagen wordt
De examenverplichting brengt ook uitdagingen met zich mee, ziet Merve: “Nu burgerschap een verplicht examenvak wordt, moeten we oppassen dat het niet platgeslagen wordt tot feitjes stampen en een afsluitende kennistoets.”
‘Voor mij draait burgerschap juist om ervaren, delen, reflecteren en ontdekken hoe je je verhoudt tot de samenleving.’
“Voor mij draait burgerschap juist om ervaren, delen, reflecteren en ontdekken hoe je je verhoudt tot de samenleving. Belangrijk is dat het vak blijft aansluiten bij de leefwereld van studenten en hun toekomstige beroep. Een student die pas een paar jaar in Nederland woont, kijkt anders naar maatschappelijke thema’s dan iemand die hier is opgegroeid. Juist die verschillende perspectieven maken het vak rijk en waardevol, en daar moet in de nieuwe examenvorm ruimte voor blijven.”
Praktische vraagstukken
Daarnaast wijst ze op praktische vraagstukken. “Wie is bijvoorbeeld bevoegd om burgerschap te geven? De professionalisering van docenten vraagt tijd en investeringen, maar uiteindelijk draagt het bij aan de kwaliteit die dit vak verdient.”
Binnen mboRijnland is Merve als projectlid Basisvaardigheden twee dagen per week bezig met alles dat er komt kijken bij de invoering van het examen. Hoe ze het goed kunnen organiseren en tegelijkertijd betekenisvol kunnen maken voor studenten.
“Die vraag leeft ook sterk onder docenten: hoe maken we dit werkbaar? Het is een grote verandering die ook onzekerheid met zich meebrengt. Daarom nemen we bewust de tijd om verschillende aanpakken te verkennen, voordat we definitieve keuzes maken die passen bij onze visie op basisvaardigheden en burgerschap.
Ontwikkeling burgerschapsexamen: veel aandacht
voor werkbaarheid
Die zoektocht is herkenbaar voor Pim Montrée, onderwijskundig adviseur mbo bij Bureau ICE. Samen met zijn TOA-collega’s vertaalde hij de nieuwe kwalificatie eisen naar een examenconcept. Daarbij was het niet alleen zaak om tot een valide en betrouwbaar examen te komen, maar ook de vraag hoe je zo’n examen werkbaar maakt voor docenten.
“Je kunt honderd mooie ideeën bedenken, maar als docenten acht uur kwijt zijn aan het nakijken, dan gaat het niet werken. Het liefst wil je binnen een half uur na het examenmoment de uitslag vrijgeven, zodat een student weet: ben ik geslaagd of niet.
“Daarom hebben we onze ideeën al in een vroeg stadium getoetst bij mensen uit de praktijk. Tijdens een werksessie hebben we verschillende concepten voorgelegd aan beleidsadviseurs, kartrekkers burgerschap en docenten uit het mbo. Hun feedback heeft mede bepaald hoe het uiteindelijke examen eruit komt te zien.”
Niet ‘het juiste antwoord’, maar goed onderbouwen
Welke vorm het uiteindelijke examen ook krijgt, één ding staat voor Pim vast: “Het gaat er niet om of een student antwoorden geeft die de examinator zelf zou hebben gegeven. Het gaat erom dat een student informatie kan afwegen, bronnen kritisch gebruikt, een standpunt goed kan onderbouwen en verschillende perspectieven kan afwegen.”
Ook het AI-proof maken van het examen is daarbij een belangrijk aandachtspunt. “Portfolio’s of schriftelijke opdrachten zijn relatief eenvoudig met AI te genereren. Daarom zitten in de concepten ook mondelinge onderdelen waarin studenten hun keuzes toelichten en met een examinator in gesprek gaan. Als je zelf niks aan je portfolio hebt gedaan, kun je daar echt geen gesprek van 20 minuten over gaande houden. Als studenten wel hun eigen afwegingen hebben gemaakt, dan kunnen ze daar ook een inhoudelijk gesprek over voeren.”
Aanscherping op basis van feedback uit het veld
De conceptversies van het TOA-examen burgerschap zijn inmiddels besproken met experts uit het mbo en worden de komende periode verder aangescherpt op basis van de feedback uit het veld. Een van de deelnemende experts was burgerschapsdocent Merve. Wat heeft zij de ontwikkelaars kunnen meegeven? “Dat een instellingsexamen niet alleen kennis moet toetsen, maar ook ruimte biedt voor ervaring, handelen en de beroepscontext van de student. Burgerschap moet niet losstaan van de praktijk. Daarnaast heb ik benadrukt dat het examen vooral uitvoerbaar moet blijven. Het moet werkbaar zijn voor docenten en niet leiden tot extra of onnodige werkdruk.”
Nieuwsbrief
Wil je op de hoogte blijven van alle TOA-ontwikkelingen? Schrijf je dan in voor onze maandelijkse nieuwsbrief.
Wist je dat wij ook te vinden zijn op LinkedIn? Volg ons voor interessante weetjes en een uniek kijkje achter de schermen.