Contact

Hoe borg je de kwaliteit van diploma’s en examinering?

Als mbo-school wordt er van je verwacht dat je meebeweegt met maatschappelijke en politieke ontwikkelingen en bijbehorende eisen. Van alle medewerkers binnen het mbo is de afgelopen tien jaar veel gevraagd. De regels veranderden voortdurend. Zo is er per cohort een andere zak-slaagregeling en staat die regeling voortdurend ter discussie. Scholen hebben veel geïnvesteerd in het verbeteren van de kwaliteit van de examinering en de borging daarvan, zodat de maatschappij kan vertrouwen op een waardevol mbo-diploma.

Maar hoe borg je die kwaliteit?
Iedereen die betrokken is bij het onderwijs, zowel in de school als in de praktijk, levert een bijdrage aan de examenkwaliteit. De examenorganisatie functioneert goed als er wordt samengewerkt, als men zich houdt aan effectieve procedures en deadlines en als betrokkenen tevreden zijn. De organisatiecultuur speelt hierbij een grote rol. Het is belangrijk dat er voortdurend een focus op kwaliteit is en niet alleen als de Onderwijsinspectie langskomt. Dan helpt het als iedereen zich betrokken voelt, eigenaarschap toont en de omgeving veilig genoeg is om feedback te geven en resultaten te bespreken.

Kwaliteitsdoelen en kaders
Als je werkt aan kwaliteit, moet je met elkaar afspreken wat je doelen zijn. Want als je weet waar je naartoe werkt, kun je toezicht houden, krijg je inzicht in hoe ver je nog van je doelen af staat en kun je de vervolgstappen bepalen. Maar de ambitie die je met de kwaliteitsdoelen stelt, hangt af van je visie op kwaliteit én van je startpunt. Voor houvast kun je uitgaan van kaders op drie verschillende niveaus. De wettelijke kaders dienen als richtlijnen voor de beleidskaders van de school. Op hun beurt vormen de beleidskaders weer het uitgangspunt van de eigen kaders, oftewel de uitvoering van de examentaken.

Wettelijke kaders

  • WEB
  • Onderzoekskader BVE 2017
  • Cohortenschema
  • Nieuwe wet examencommissie
  • IHKS.

Beleidskaders

  • Handboek examinering
  • OER
  • Examenreglement.

Eigen kaders

  • Jaaragenda
  • Jaarverslag
  • Jaarplanning
  • Evaluatie kwaliteitsdoelen
  • Ontwikkelde formats
  • Agenda.

Zo kan de examencommissie aan de hand van de beleidskaders en de aandachtspunten in het jaarverslag een jaarplanning en vaste agendapunten opstellen. Eén van die agendaonderwerpen is kwaliteitsborging. Hieronder benoemen we vier pijlers die daarbij richting geven.

PIJLER 1: Kwaliteit van examens
Per kwalificatie en cohort is er een examenplan. Hierin zijn alle examenonderdelen opgenomen. Daar horen ook de beslisregels bij die aangeven wanneer een student gezakt of geslaagd is. De examencommissie controleert de kwaliteit van het examenplan. Voor de eenduidigheid is het prettig als je daarvoor een standaard checklist gebruikt met vaste onderdelen. Denk bijvoorbeeld aan de dekking van de exameneisen (de werkprocessen of het referentiekader), of de examenvorm passend is en of de instructie voor de student duidelijk is. De
exameninstrumenten moeten in lijn zijn met het examenplan. Daarnaast controleert de examencommissie of alle examens voldoen aan de kwaliteitseisen zoals validiteit, betrouwbaarheid, de juiste complexiteit, een eenduidig beoordelingsmodel en een juiste cesuur. Dat kan met behulp van een vaststellingslijst. Eventueel kun je hierbij kiezen voor een steekproef uit de exameninstrumenten.

PIJLER 2: Kwaliteit van afname en beoordeling
In het examenplan en het handboek examinering zijn afspraken vastgelegd over het afnemen en beoordelen van de examens. Hierbij gaat het
bijvoorbeeld om de planning en procedures voor beroep en bezwaar, maar ook om afnamecondities. Iedere beoordeling moet een betrouwbare uitkomst opleveren. Wanneer je afwijkt van afspraken, moet je goed verantwoorden waarom je daarvoor hebt gekozen. De examencommissie controleert de kwaliteit aan de hand van proces-verbalen, tevredenheidscijfers, behaalde resultaten en klachtenregistraties. Maar ze kan bijvoorbeeld ook onaangekondigd afnames bijwonen en observeren.

PIJLER 3: Kwaliteit van besluitvorming tot diplomering
De opleiding moet kunnen aantonen dat iedere student die de school met een diploma, certificaat of instellingsverklaring verlaat, ook
echt aan de voorwaarden daarvoor heeft voldaan. Bijvoorbeeld door examendossiers aan te leggen, die de examencommissie vervolgens controleert op kwaliteit en compleetheid.

PIJLER 4: Deskundigheid van examenfunctionarissen
Van alle betrokkenen bij de examinering wordt verwacht dat ze aantoonbaar deskundig zijn voor het uitvoeren van de hen toebedeelde taken. Dat kan door certificering, maar bijvoorbeeld ook door ervaring. In beleidskaders leg je vast wat de minimale eisen zijn en op welke manier je de deskundigheid borgt en verhoogt. Bijvoorbeeld door regelmatig intervisiebijeenkomsten te organiseren. Wanneer je de borging van deskundigheid vastlegt in overzichten, kan de examencommissie risico’s signaleren en suggesties doen voor verbetering.

Waardevol diploma
Het samenspel tussen zorgen en borgen maakt dat de examenorganisatie een lerende organisatie is. De kwaliteit van de examinering zal er steeds verder door verbeteren. Met als uiteindelijke resultaat dat de student met een waardevol diploma de school verlaat.

 

Bekijk ook de ‘Toolkit kwaliteitsborging voor de examencommissie’.
De toolkit bestaat uit vier modules met basiskennis, inzicht en handige suggesties. Meer informatie vind je op
www.onderwijsenexaminering.nl van het Kennispunt Onderwijs & Examinering van de MBO Raad.


Wil je de gratis jubileumeditie van Toets! magazine ontvangen, meld je dan nu aan.

Plaats een reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *