Een kijkje achter de schermen bij TOA: dit is Pim Montrée
Elke maand nemen we je mee achter de schermen bij TOA. Wie zijn de mensen achter TOA en wat drijft hen om zich elke dag opnieuw in te zetten? Dit keer maken we kennis met onderwijskundig adviseur Pim.
Dit is Pim.
Hij was docent Geschiedenis en Maatschappijleer, is trotse vader en fervent powerlifter. Daarnaast heeft hij een grote liefde voor Japan en de Japanse cultuur. ‘Voor tips en weetjes over Japan moet je bij mij zijn.’
Welkom bij het team, Pim! We trappen het interview af met de welbekende vraag: wie is Pim?
‘Dank je wel! Ik ben Pim, woon in Den Bosch en ben trotse vader van een zoon.’
‘Ik ben acht jaar lang docent geweest in het voortgezet speciaal onderwijs. Naast docent ben ik ook coördinator geweest en heb ik een team aangestuurd. Eigenlijk heb ik altijd affiniteit gehad met jongeren en het onderwijs.’
‘In een ver verleden wilde ik iets met beeld en geluid doen. Ik heb destijds een audiovisuele opleiding op het SintLucas gevolgd, maar na een aantal stages bij lokale omroepen kwam ik er al snel achter dat dit toch niet helemaal mijn ding was.’
Wat leuk om al iets meer van je te weten. Hoe ben je bij TOA/Bureau ICE terechtgekomen?
‘Na acht jaar me volledig te hebben ingezet voor het speciaal onderwijs, was de enige volgende stap directeur worden. Dat zag ik niet zo zitten, dus ben ik op zoek gegaan naar een nieuwe uitdaging.’
‘Via Google kwam ik de vacature voor Onderwijskundig Adviseur tegen. Dat leek me wel wat. Ik kende Bureau ICE nog niet goed, maar TOA wel. Ik heb twee jaar gewerkt op Rijn IJssel en daar namen ze examens af bij TOA.’
‘Het leuke is dat ik elke dag iets nieuws leer.’
Altijd leuk om te horen hoe mensen bij Bureau ICE terechtkomen. Heb je altijd in het onderwijs gewerkt?
‘Niet altijd, maar wel het grootste gedeelte van mijn carrière. De feeling met jongeren is er eigenlijk altijd geweest.’
‘Ik heb een tussenjaar in het leger gezeten en daar viel het ook op hoe leuk ik het vond om jongeren iets te leren. Toen wist ik eigenlijk zeker dat ik leraar wilde worden. Ik ben daarna als zzp’er aan de slag gegaan, maar kreeg na een tijdje behoefte aan vastigheid en regelmaat. Zo ben ik bij het Dieze College terechtgekomen.’
Wat een mooi carrièrepad! Wat vind je het leukste aan het werken als onderwijskundig adviseur?
‘Ik werk sinds september 2025 bij TOA/Bureau ICE en geen dag is hetzelfde. We krijgen zoveel verschillende vragen van docenten. Soms heb ik meteen een antwoord, soms moet ik er echt even induiken om tot een goed advies te komen.’
‘Het leuke is dat ik elke dag iets nieuws leer. Er is nog geen dag geweest waarop ik dacht: dit is al de tiende keer dat ik hetzelfde antwoord geef. Daarnaast is het interessant om het onderwijs nu van de andere kant mee te maken. Omdat ik zelf docent ben geweest, kan ik me goed verplaatsen in docenten. De skills die ik heb ontwikkeld als leraar en coördinator kan ik nu goed inzetten als onderwijskundig adviseur.’
Zijn er ook uitdagingen waar je tegenaan loopt?
‘Als ik iets moet noemen, dan is het het leren kennen van het platform en hoe je het optimaal inzet.’
‘Ik ben wel gewend om met een LVS te werken, maar het platform van TOA zit toch anders in elkaar. Dat is ook niet gek, want ik werk hier nog niet zo lang. Ik moet het merk en de producten nog echt goed leren kennen en zit nu midden in dat proces. Voor nu blijf ik dus veel vragen stellen en uitzoeken hoe de functionaliteiten in het platform werken.’
‘ ‘Het geeft mij een voldaan gevoel om niet alleen een luisterend oor te zijn, maar ook echt mee te kijken en ervoor te zorgen dat klanten verder kunnen met hun dagelijkse werk: studenten laten groeien.’’
Wanneer heb jij een succesvolle werkdag gehad?
‘Als ik aan het einde van de dag gesprekken heb gehad die worden afgesloten met: ‘Wat fijn, bedankt voor het gesprek. Met jouw advies kan ik verder.’
‘Dat is eigenlijk het doel: dat de klant zelf aangeeft dat hij of zij iets aan het gesprek of advies heeft gehad. Ongeacht of ik het antwoord direct had of eerst moest uitzoeken bij collega’s.’
‘Het geeft mij een voldaan gevoel om niet alleen een luisterend oor te zijn, maar ook echt mee te kijken en ervoor te zorgen dat klanten verder kunnen met hun dagelijkse werk: studenten laten groeien.’
Heb je recent zo’n moment meegemaakt?
‘Ja, een mooi voorbeeld is een vraag van een (Pre-)entree docent. Zij gaf aan dat studenten op een verkeerd niveau instroomden en dat ze niet goed kon achterhalen waar dat aan lag.’
‘Ze gaf aan dat ze alles volgens de norm deed, maar toch merkte dat steeds meer ISK-leerlingen anders moesten instromen. Samen hebben we gekeken naar het lezen en interpreteren van scores van toetsen en examens. Toen bleek dat zij de scores anders interpreteerde dan wij adviseren. Dat was voor haar echt een ‘aha’-moment en verklaarde waarom sommige leerlingen te laag en andere juist te hoog instroomden. Wederom zo’n moment van: ‘Met jouw advies kan ik verder.’ Dat is gewoon heel mooi.’
Is er een moment in je carrière waarop je besefte dat je echt het verschil maakte?
‘Dat was toen ik begon in het voortgezet speciaal onderwijs, op de school waar ik eerder werkte.’
‘Ik was daar de eerste inhoudelijke vakdocent met uitzondering van de gymdocent en docent handvaardigheid. Er stonden vooral pabo-docenten voor de klas. Daar is niets mis mee, maar zij zijn breed opgeleid. De school merkte dat examenklassen juist behoefte hadden aan meer vakspecifieke kennis.’
‘Samen met de schoolleider heb ik gekeken wat nodig was om die verandering door te voeren. Eén van de stappen was het aantrekken van meer vakdocenten, zodat er meer inhoudelijke kennis in huis kwam. Daarnaast heb ik collega’s hierin gecoacht.’
‘Toen ik begon, lag het slagingspercentage voor mijn vakgebied rond de 70 à 75 procent. Na de veranderingen steeg dat naar 90 procent. Het is mooi om te weten dat ik daar zo’n bijdrage aan heb geleverd en dat dit voor leerlingen echt een verschil heeft gemaakt.’
Wat maakt dat je nu denkt: wat heb ik toch leuk werk?
‘Naast dat ik nog steeds met mensen werk en mij inzet voor het onderwijs, vind ik het ook heel prettig dat mijn werkdag echt stopt.’
‘Toen ik nog docent was, nam ik vaak werk mee naar huis. Zeker toen ik ook coördinator was. Nu ik vader ben, vind ik het extra belangrijk om thuis ook echt aanwezig te zijn.’
‘Als mijn werkdag nu voorbij is, is hij ook echt voorbij. Ik pak het de volgende dag weer op. Dat geeft rust.’
Hoe ervaar je het kantoorleven?
‘Haha, dat is wel even schakelen. De hele dag achter een scherm zitten was wennen. Ik probeer dat af te wisselen door af en toe te staan en regelmatig mee te gaan met de trainers.’
‘Dat vind ik ook leuk en waardevol. Het draagt bij aan de teamspirit en ik hoor zo nog beter wat er leeft bij docenten. Soms is het ook fijn voor de trainers, omdat ik kan bijspringen bij vragen. Docenten krijgen dan meteen een antwoord en dat is natuurlijk heel waardevol.’
Tot slot: wat zijn je toekomstplannen binnen TOA/Bureau ICE?
‘Goede vraag! Ik wil graag regelmatig meegaan met de trainers om docenten beter te leren kennen en goed te horen waar hun behoefte ligt. Zo kan ik ze steeds beter helpen en nog gerichter adviseren.’
Meer kijkjes achter de schermen?
Ontvang jij onze nieuwsbrief al?
Wil je op de hoogte blijven van alle TOA-ontwikkelingen? Schrijf je dan in voor onze maandelijkse nieuwsbrief.
Ook zijn wij te vinden op LinkedIn.