Een kijkje achter de schermen bij TOA: dit is Stefan van de Vijfeijke
In deze rubriek nemen we je mee achter de schermen bij TOA. Wie zijn de mensen achter TOA? En wat drijft hen om zich elke dag opnieuw in te zetten? Dit keer praten we met Stefan.
Dit is Stefan.
Stefan woont samen met zijn vrouw in Helmond. Hun dochter is geslaagd voor haar eindexamen en verruilt binnenkort Brabant voor Leeuwarden, waar ze Kust- en Zeemanagement gaat studeren. Verder van huis kan bijna niet! In zijn vrije tijd is Stefan het liefst actief. Al jarenlang speelt hij volleybal: iedere week trainen en om de twee weken een wedstrijd. Zijn knieën werken niet altijd meer even goed mee, maar zolang het kan blijft hij spelen. En gelukkig hoort daar ook altijd een gezellige derde helft bij. Verder geniet hij van een avondje bioscoop en stapt hij af en toe graag in een kart voor een beetje extra snelheid.
Vertel eens, wat doe je bij Bureau ICE?
‘Ik werk alweer drie jaar bij Bureau ICE als functioneel applicatiebeheerder. Dat betekent dat ik derdelijns ondersteuning ben. Loopt een gebruiker tegen iets aan, dan gaat dat eerst langs de klantenservice en de klantcoördinatoren. Komen zij er niet uit, dan landt de melding bij mij. In mijn vorige baan werkte ik als programmeur aan hypotheekadvies-applicaties, dus techniek zit er bij mij al langer in.’
Handig, een technisch persoon! Komen mensen op verjaardagen ook vaak naar je toe met hulpvragen?
‘Haha, dat valt inmiddels gelukkig wel mee! Ze zijn zelf dusdanig handig dat ze er zelf wel uitkomen.’
Wat voor soort problemen kom je allemaal tegen op een werkdag?
‘Dat kan van alles zijn. Van een scherm dat niet goed werkt tot een berekening die niet klopt of resultaten die niet goed worden verwerkt. Heel uiteenlopende technische vraagstukken dus. Ik werk veel voor TOA, en die applicatie is continu in ontwikkeling. Er worden veel dingen aangepast en verbeterd, en dat betekent ook dat er regelmatig iets opgelost moet worden.’
Werk je allen?
‘Gelukkig niet. Sinds kort heb ik een collega-systeembeheerder, en pakken we alles samen op.’
Hoe ga jij te werk als er een melding binnenkomt?
‘Als er een issue binnenkomt, ga ik eerst zelf onderzoeken wat er precies aan de hand is. Ik probeer vast te stellen of het echt een probleem in de applicatie is. Is dat zo, dan neem ik contact op met de softwareleverancier en zorgen we samen dat het wordt opgelost. We werken met een backlog: een overzicht van alle meldingen die nog opgepakt moeten worden. Op basis van prioriteit bepalen we wat eerst wordt opgepakt, zodat de belangrijkste issues snel worden opgelost.’
Hoe lang ben je gemiddeld met een melding bezig?
‘Dat verschilt enorm. Soms is er alleen een woordje verkeerd gespeld. Dat is zo opgelost en stelt niet veel voor. Maar soms is de melding ingewikkelder en kan het weken duren. Groot of klein: ik vind het heel leuk om erin te duiken en het probleem op te lossen.’
Tegen welke uitdagingen loop jij aan?
‘Soms komen er meer meldingen binnen dan we op dat moment kunnen verwerken. Dat hoort erbij, maar het blijft een uitdaging. Het lastigst vind ik situaties waarin een probleem niet of niet direct op te lossen is. Dan moet je een school teleurstellen, terwijl je juist iedereen zo goed mogelijk wilt helpen. Dat blijft altijd vervelend.’
Wanneer ga jij met een goed gevoel naar huis?
‘Als ik een school goed en snel heb kunnen helpen, en kan vertellen dat een probleem is opgelost. Dat is meteen ook wat ik het leukste vind aan mijn werk: het contact met klanten en merken dat je echt iets voor iemand hebt kunnen betekenen. Mijn werk is eigenlijk nooit helemaal af, want er is altijd iets te doen. Maar als alles wat op mijn bord ligt goed is afgehandeld, geeft dat een voldaan gevoel. Ik doe mijn werk met veel plezier!’